Materiaal gebruiken en aanschaffen

Datum: , | Auteur: | In: | Reacties uitgeschakeld voor Materiaal gebruiken en aanschaffen

Aangezien we bij het schermen met wapens elkaar ‘slaan’ of op elkaar steken is het belangrijk dat we kleding aanhebben die ons daartegen beschermt.

Wat dragen we allemaal tijdens een wedstrijd?
De standaard kleding voor alle wapens:

  • Een masker op ons hoofd.
  • Een ondervest, die je over je t-shirt aantrekt. Meestal een vestje met maar 1 korte mouw voor de arm waarmee je schermt.
  • Een vest, die je over je ondervest aantrekt. Deze heeft twee lange mouwen en een rits aan de kant van je ongewapende arm.
  • Een handschoen, om de hand waarmee je je wapen vasthoud. De manchet van de handschoen gaat over de mouw van je vest.
  • Een broek, eentje met pijpen tot net over de knie en elastieken om je schouders om hem omhoog te houden.
  • Sokken, die zo lang zijn dat ze je hele onderbeen bedekken en je broek er nog overheen valt, zodat je geen blote huid meer ziet. Ook deze horen wit te zijn.
  • Schoenen waarmee je goed de schermpassen kunt uitvoeren en snel mee kunt zijn. Er zijn speciale schoenen voor het schermen die extra ondersteuning bieden bij de krachten die je op je hak uitoefent bij bijvoorbeeld uitvallen.

Bij elektrisch floretschermen komt daar nog bij:

  • Een elektrisch vest, een vest zonder mouwen met metaaldraadjes.
  • Een lichaamskabel, een kabel die je in je vest draagt die je wapen verbindt met de melder.

Bij elektrisch sabel is ook het masker nog voorzien van een speciale kabel. Bij elektrisch degen is een elektrisch vest niet nodig, maar heb je wel een speciale kabel voor degen nodig (drie pooltjes i.p.v. twee bij floret en sabel)

De wapens
We hebben bij alle wapens (floret, sabel, degen) een onderscheid tussen mini-wapen en normaal wapen. De verschillen zitten in de lengte van de kling, de omtrek van de kom en de grootte van de greep. De mini-wapens gebruik je alleen in de categorieën Kuikens en Benjamins (tot ongeveer 12 jaar). Daarna scherm je altijd met een normaal wapen.

Bij floret noemen we de mini-wapens meestal een ‘nulletje‘. Een normaal wapen een ‘vijfje‘. Dit zijn de nummers die de lengte van de kling aanduiden.

Dan hebben we nog een onderscheid in mechanische en elektrische wapens. Een mechanisch floret heeft een rubber dopje op de punt van de kling. Een elektrisch floret heeft een metalen puntje dat je in kunt drukken, een geultje in de kling waar een draadje door loopt naar de kom en op de kom een aansluiting voor je lichaamskabel.

Bij ons op de vereniging trainen we in de eerste groep vooral met mechanisch floret. Op toernooien scherm je echter wel meestal elektrisch.

Pas in de tweede groep is het mogelijk om sabel en degen uit te proberen.

Veiligheidsnormen van de kleding
Het masker, het ondervest, het vest en de broek zijn van extra stevig materiaal gemaakt. Dit moet voorkomen dat een wapen niet zomaar door het masker of een vest kan steken. Vooral niet als deze afbreekt en scherpe puntjes heeft. Vanaf Cadetten (ongeveer 15 jaar) is het zelfs verplicht om met een speciale kling te schermen die afbreekt zonder scherpe punten.

Er zijn drie sterktes die je tegen zult komen voor schermkleding: 350N – 800N – 1600N. N staat voor Newton, dat is een eenheid die uitdrukt hoeveel kracht het materiaal aan kan. Deze getallen worden genoemd op het merk dat op het vest, de broek of het masker is gedrukt. Als je geen getal kunt vinden, dan is het materiaal al wat ouder en niet verstevigd.

350N wordt alleen gebruikt voor de jongste twee categorieën, Kuikens en Benjamins. Dit noemen we vaak ook wel trainingsmateriaal. Het vest, de broek en het masker zijn dan allemaal 350N. Let wel op, ook bij deze categorieën is inmiddels een ondervest verplicht tijdens wedstrijden. Deze moet dan al 800N zijn.

Vanaf Pupillen (ongeveer 12 jaar) moet je kleding voldoen aan strengere eisen. De kleding heeft dan een norm van 800N en het masker moet 1600N zijn.

Vanaf Cadetten komt er dan nog bij dat je met een FIE-maraging kling moet schermen. Deze klingen zijn van een speciaal metaal gemaakt die voorkomen dat er heel erg scherpe punten ontstaan als de kling breekt. Dergelijke klingen zijn gemerkt met FIE (de internationale scherm-federatie) aan de kant van de kom.

Kledingeisen en wedstrijden
De juiste kleding dragen is natuurlijk voor je eigen veiligheid. Op een wedstrijd gaat het er vaak wat steviger aan toe dan tijdens de training. Op wedstrijden wordt vaak door de scheidsrechter gecontroleerd of je kleding wel aan alle eisen voldoet. Als deze je kleding controleert en je hebt bijvoorbeeld geen ondervest aan, dan wordt je van de loper gestuurd en mag je niet meedoen aan de wedstrijd. Controleer dus altijd of je alles bij je hebt en of het aan de eisen voldoet!

Materiaal aanschaffen
Kopen van schermspullen kan helaas niet in een normale sportzaak. De vereniging onderhoud contact met een AS Sport-Service (voorheen Ulrich Weise) in Osnabrück waar we regelmatig bestellen. Als je weet wat je moet hebben kun je daar ook zelf bestellen in de online shop. Een alternatief is aanschaffen bij toernooien. Er staan vaak verkopers met een stand bij wedstrijden, maar lang niet overal.

Als je net begint met schermen kun je materiaal van de vereniging lenen. Aan goede gymschoenen en een lange trainingsbroek heb je dan genoeg. We geven echter geen garantie dat we alles in je maat hebben en er voldoende van hebben om iedereen te voorzien.

Aanschafschema
Het beste is om je materiaal in de loop van de tijd bij elkaar te sprokkelen. Niet alles hoef je nieuw aan te schaffen, onderling doorverkopen is heel gebruikelijk. Door de zware kwaliteit van de stoffen slijt het niet zo snel, maar kinderen in de groei hebben nog wel eens een grotere maat nodig. Vraag om je heen bij anderen of ze nog oud materiaal hebben liggen of vraag iemand van het bestuur of er nog iets ligt dat je over kunt nemen.

Voor het aanschaffen houden we de volgende volgorde en timing aan:

  1. Een handschoen: in het eerste kwartaal van je lidmaatschap
  2. Een vest: in het tweede kwartaal van je lidmaatschap
  3. Een mechanisch wapen: in het tweede of derde kwartaal van je lidmaatschap
  4. Een ondervest: in het derde kwartaal van je lidmaatschap.
  5. Een broek: in het vierde kwartaal van je lidmaatschap.
  6. Een masker: in het eerste kwartaal van je tweede jaar.

Na het eerste jaar heb je dan de basis-kleding aangeschaft. Wanneer je in je tweede jaar echt actief wordt met wedstrijden dan heb je ook eigen elektrische spullen nodig.

  1. Een eigen lichaamskabel: als je er zuinig mee bent, kan deze een leven lang meegaan (uiteindelijk heb je er zelf minstens twee nodig, maar een reserve voor tijdens wedstrijden mag je eerst nog van de vereniging lenen).
  2. Een elektrisch vest
  3. Een elektrisch wapen: net als bij de lichaamskabels een van jezelf en een lenen voor wedstrijden.

Pupil geworden (of al Pupil)
Als je Pupil wordt dan heb je kleding nodig van 800N. Probeer dit ook in fases aan te schaffen. Aangezien dit ook samenvalt met de groeispurt van de puberteit raden we aan vooral te kijken of je spullen van anderen over kunt nemen.

Je hoofd groeit echter niet zoveel. Een 1600N masker kun je dus gerust nieuw aanschaffen. De moderne maskers zijn zo sterk dat bij normaal gebruik ze heel lang meegaan.

We raden je aan om je eigen wapens direct met een maraging-kling aan te schaffen. Hoewel deze kling voor Pupillen nog niet verplicht is heb je twee jaar later wel een maraging-kling nodig bij wedstrijden. Zelf hoor je nu in ieder geval één wapen te hebben. We hebben slechts een paar wapens met maraging-kling te leen van de vereniging als reserve tijdens wedstrijden.

Ook hoor je als Pupil voldoende eigen lichaamskabels te hebben, zodat je die niet meer van de vereniging hoeft te lenen.

Cadetten en ouder
Uiteindelijk moet je als Cadet zelf twee wapens hebben. Ook hier geldt: ga je er zuinig mee om, dan kunnen ze een leven lang meegaan (hoewel een kling nog wel eens kan breken in het heetst van de strijd).

Als je wat later begonnen bent met schermen
Voorstaand schema is vooral van toepassing op leden die beginnen met schermen als ze nog op de basisschool zitten. Als je wat later begint dan geldt in principe dezelfde volgorde, alleen hoef je dan niet eerst 350N aan te schaffen.

De vereniging heeft zelf niet zo heel veel materiaal te leen dat voldoet aan de eisen voor wedstrijden. Als je nog geen eigen materiaal hebt en je wilt toch aan een wedstrijd meedoen, dan is het meestal wel te regelen om de juiste kleding van iemand te lenen.


Reageren is niet (meer) mogelijk.